Poëzie als uitlaatklep

Janneke Methorst opnieuw stadsdichter van Beverwijk

Janneke Methorst (41)  is de nieuwe stadsdichter van Beverwijk. Daarmee gaat ze in herhaling, want ook in 2018 mocht ze de titel dragen. Toch zal het anders zijn, want Janneke heeft de afgelopen jaren een ontwikkeling doorgemaakt als dichter.

Als leerkracht op een basisschool en moeder van drie kinderen maakt ook Janneke een roerige tijd door vanwege de coromamaatregelen. Het weerhield haar echter niet van deelname aan de stadsdichterverkiezing. ‘Meedoen vind ik het leukste. Dat is altijd weer een uitdaging, maar toen juryvoorzitter Jaap Tesselaar aangaf dat er niet zo veel deelnemers waren, dacht ik wel even ‘oh jee’.’

Toch is ze blij dat ze weer een jaar mag. ‘Je ontmoet nieuwe mensen, dat is het allerleukste. Het blijft wel lastig om steeds nieuwe onderwerpen te bedenken. Ik kom oorspronkelijk niet uit de stad en wil niet de geijkte verhalen brengen over de Wijkertoren en de Breestraat. Maar goed, het is vorige keer gelukt, dan zal het dit keer ook wel goedkomen.’

Als dichter heeft Janneke de impuls als muze. ‘Dan zie ik iets en bedenk ik dat het leuk is voor een gedicht.

Ik lees wat in de krant, hoor wat van een collega of de buurvrouw komt ergens mee. Ik ben een intuïtieve dichter. Hou me niet bewust aan bepaalde stijlregels. Het ontstaat gewoon, vanuit een impuls. Ik schrijf zoals het in me opkomt, er zit natuurlijk wel metrum in, want een gedicht moet je kunnen voorlezen. Het rijmt ook her en der wel, maar het glijdt uit mijn vingers. Ik doe nooit langer dan een minuut of tien over een gedicht, zodra ik eenmaal een idee heb.’

Een stadsdichter moet andere kijk geven op Beverwijk. ‘je leert met andere ogen kijken. Voorwaarde is wel dat het onderwerp actueel is, maar ik probeer wel een beetje kritisch te zijn. Het is niet allemaal mooi, maar het is ook niet allemaal lelijk. Ik hou die blik van een buitenstaander, die met een afstand naar de stad kijkt.’

Janneke komt uit de buurt van Utrecht, heeft een tijdje in Zwaag en Velsen-Noord gewoond voordat ze neerstreek in Beverwijk. ‘Deze stad is lekker eigenwijs. De mensen gaan hun eigen gang en conformeren zich niet. Onder het mom van: ‘Dit is wat Beverwijk is en daar doe je het maar mee.’ Dat vind ik wel een mooie eigenschap, die ruwe kantjes maakt het fijn hier.’

Janneke Methorst leest een gedicht voor tijdens een presentatie van Roetz in 2012. Foto Roetz

‘Ik dicht omdat ik het leuk vind’, zegt Janneke. ‘Ik doe het al zo lang, het gaat bijna vanzelf. Ik zat in de tweede van de mavo toen ik ermee begon. Dat kwam vooral voort uit verveling. Ik kan niet breien, haken, ik hou van woorden en vind het leuk om woordgrapjes te maken. Maar een verhaal schrijven duurt me te lang, daarom houd ik het bij dichten.’

Als mens en dichter heeft ze een ontwikkeling doorgemaakt. ‘Ik heb in mijn persoonlijk leven roerige jaren achter de rug en dichten was een uitlaatklep. Ik sta tegenwoordig optimistischer in het leven, het glas is halfvol. Dat heeft mijn poëzie veranderd, nu vind ik het mooi om de mensen aan het denken te zetten. Minder vanuit mijn eigen emotie, meer vanuit een maatschappelijk bewustzijn. Dat kan ook een kwestie van leeftijd zijn.’

Oh de Breestraat
Waar ik mijn hakken in het zand zet
niet om weerzin of weerstand
maar omdat mijn schoenen van de rijplaten gleden
terwijl ik uitweek voor een fietser, voetganger, booster, kinderwagen
Omdat ik van huis naar de Beverhof wilde of andersom
Waar een tijdlang elke onschuldige, kortdurende, flirt met een willekeurige bouwvakker een langslepende relatie werd omdat ik toch nog van het Kruidvat naar de Intertoys moest
En daarna eigenlijk nog naar de Hennes en de Etos
me langs hekken wurmend
zonder doorgang
Heen en weer en heen, weer weer.
Licht ongemakkelijk oogcontact ontwijkend
om zodoende wederom een rijplaat wel te missen
Het is de Breestraat die als puber,
met een niet te missen snor
die zonder opzet groeit, tussen neus en lippen door,
probeert de aandacht te trekken van het meisje met die iets te korte rok
Het is nog niets
nog niet klaar
werk in uitvoering
zelfs als je niet houdt van een snor
kun je leren houden van een baard
Bedenk je dat de liefde van je leven
Misschien die korte rokken niet meer draagt
Maar wel steeds mooier wordt

Janneke Methorst – Foto Heleen Vink

Het gedicht ‘Oh de Breestraat’ is een van de favoriete gedichten van Janneke zelf. Ze maakte het enige jaren geleden, gedurende haar eerste termijn als stadsdichter. We plaatsen het hier met toestemming van Janneke.

Start typing and press Enter to search